Ik zoek een...

Actueel - Nieuws

Recensies Tijdschrift voor Coaching juni 2015 (deel 1)

ma 08 jun 2015

Wat denk je, is jouw buurman sociopaat?
Martha Stout
AnderZ, 2015. ISBN 978 94 629 6009 1

De termen 'psychopaat' en 'sociopaat' duiden in de spreektaal iemand aan die geen medegevoel kent en over lijken gaat om zijn of haar doelen te bereiken. In de psychologie spreekt men van een antisociale persoonlijkheidsstoornis. Klinisch psychologe Martha Stout heeft het echter nog wel over sociopaten en schreef er zelfs een boek over, gebaseerd op literatuur en alledaagse eigen observaties. Ze beschrijft het profiel van gewetenloze personen die anderen manipuleren, bedriegen en duperen, niet gehinderd door empathie of verantwoordelijkheidsgevoel. Sociopaten zijn vaak maatschappelijk succesvol. In twaalf hoofdstukken beschrijft de auteur, enigszins warrig gestructureerd en met weinig paragrafen, opsommingen of tussenkopjes, op prozaïsche wijze het gedrag van deze wolven in schaapskleren, wat de wetenschap weet over de oorzaken van de stoornis (weinig tot niets, er zijn slechts onbewezen theorieën), wat het geweten precies is en waarom je ondanks alles toch beter af bent als je er wel een hebt. Het boek belooft inzicht te geven in het gedrag van deze mensen zodat we ze kunnen herkennen en weten hoe ermee om te gaan. Dat doet het aan de hand van waargebeurde en fictieve anekdotes. Toch blijft deze recensent met een onbevredigd gevoel achter na het lezen ervan. Ik moet concluderen dat ik op elk onaangenaam persoon het stempel 'sociopaat' zou kunnen drukken. Of diegene werkelijk empathie en een geweten ontbeert is immers moeilijk vast te stellen. Temeer daar sociopaten, zoals Stout beschrijft, een meester zijn in het voorwenden van gevoel, heel aardig en charmant kunnen zijn en anderen met het grootste gemak een rad voor ogen draaien. Iedereen kan er dus eentje zijn. Je weet het eigenlijk pas achteraf, als het al te laat is. Wat de tips betreft over het omgaan met deze mensen: dit is het enige stuk in het boek waar Stout komt met concrete (en genummerde!) aanbevelingen. Die blijven vaag, maar goed, misschien heb je iets aan het advies: 'wantrouw vleierij' of: 'ga af op je intuïtie”. De belangrijkste tip is uiteraard om deze mensen simpelweg te mijden. Het is vooral een boek om met vrienden en/of vriendinnen te lezen en dan te projecteren op het gedrag van exen, (ex-)bazen, rivalen en andere gehate types: “Zie je wel, een echte sociopaat!” De meeste inzichten zal dit boek misschien opleveren aan sociopaten zelf, mochten deze interesse hebben om het te lezen. Of ze daar dan iets mee kunnen is een tweede, want opties voor behandeling worden niet besproken.

Susanne Bulten, coach en hypnotherapeut, Amsterdam

Het Marketing Handboek voor een succesvolle praktijk
Jeanet Bathoorn & Sandra Derksen
Uitgeverij Boekenbent, 2015.
ISBN 978 94 620 3751 9

Over de inhoud van het boek: Het eerste hoofdstuk beschrijft hoe je mindset over je rol als ondernemer en over geld, meespelen bij de omzet van je bedrijf. Dat de factoren; schaalvergroting en zichtbaarheid, noodzakelijk zijn voor meer omzet. In het tweede hoofdstuk wordt uiteengezet hoe belangrijk het is voor een bloeiende praktijk, te kiezen voor jouw ideale cliënt, diens specifieke probleem jij met de nodige expertise kunt oplossen.
Het probleem dat vanuit het perspectief van de cliënt wordt benoemd, staat in hoofdstuk 3, is cruciaal. Immers hoe beter het probleem als ‘’top of mind’’ wordt geformuleerd en de geboden oplossing door een marketingboodschap wordt uitgezonden , des te groter de kans is de ideale cliënt te bereiken. Hierdoor worden zowel je positie als de waarde van de ondernemer verbeterd.
Hoofdstuk 4 bespreekt zowel de bewustwording van de ondernemer als de nadelen van het uurtje – factuurtje verdienmodel. Het alternatief van het high – endprogramma gericht werken, wordt eveneens belicht.
De 7 stappen bij het maken van een high-end programma, worden in hoofdstuk 5 grondig uitgelegd. Tevens zet men uiteen hoe je gesprekken met potentiële cliënten voert zodat ze bereid zijn te investeren.
In hoofdstuk 6 wordt een theoretisch gedeelte over marketing uitgelegd. En hoe je als prominente persoonlijk online in beeld kunt komen. Ook wordt ondermeer veel aandacht aan de techniek van content marketing besteed.
De nieuwste marketingstrategieën, veelal afkomstig uit Amerika, zoals moutmarketing, jointventure en affiliatiemarketing en crownfunding komen in hoofdstuk 7 aan de orde. Maar ook hoe deze benaderingen, jouw bereik en zichtbaarheid als ondernemer kunnen vergroten.
Ten slotte wordt in hoofdstuk 8 stilgestaan bij velerlei argumenten die gebruikt worden om een actie uit te stellen, zogenaamd productief zijn. Beter is actief zijn en uiteindelijk het geleerde te implementeren in een succesvolle praktijk. 
Dit grensverleggende boek is geschreven voor therapeuten, coaches en counselors met een eigen praktijk. Dit revolutionaire boek rekent af met het principe dat veel geld verdienen niet zou mogen. Hun stelregel is dat veel geld verdienen mag en kan. Dit boek biedt de lezer goed functionele oefeningen en een leerzame uitleg van de marketing, vele reflecties op haar denkpatronen en haar actuele handwijze in haar wijze van werken in de Praktijk. De beide schrijfsters Jeanet Bathoorn & Sandra Derksen van dit revolutionaire boek zijn erin geslaagd aan de hand van het top of mind probleem van hun doelgroep (waaronder ik behoor) en de geboden oplossingen, het nut van marketing en online werken in mijn mindset volledig te transformeren.

Willeke Oskam, coach en trainster

Belevend leren
Ideeën om beelddenkers bij de les te houden
Tineke Verdoes
SWP, 2015. ISBN 978 90 8850 523 2

Het boek is bestemd voor studenten en leraren in het basisonderwijs en bestaat uit 2 delen: de theorie (2 hoofdstukken) en de praktijk (7 hoofdstukken).  De structuur is erg duidelijk en elk hoofdstuk begint met een kort overzicht van aandachtspunten van het betreffende hoofdstuk.  Verder staat in elk hoofdstuk een casus en een eyeopener, met daarin persoonlijke ervaringen van de schrijfster op dit gebied. Je kunt in de hoofdstukken op een open plek een gouden tip voor een collega kwijt. Dit maakt het een soort werkboek.
Achterin het boek staan stappenplannen voor verschillende lessen en praktische ondersteunende sites. Verschillen tussen taaldenkers en beelddenkers worden steeds uitgewerkt en toegelicht. Een korte nuancering van het begrip “beelddenken” is dat het vooral een vorm van 3D-denken is: het totale pakket aan zintuiglijke waarnemingen speelt een rol bij deze vorm van denken. Daarom is belevend leren zo belangrijk voor deze groep.
Zowel voor beeld- als voor taaldenkers is belevend leren een goede leermethode. Belevend leren is: minimale theorie met veel ruimte voor praktisch oefenen en (directe) feedback. Er zijn drie elementen die zorgen voor “empowerment” bij leerlingen: hands-on (interactie met materiaal), minds-on (nadenken over oplossingen en voorspellingen) en hearts-on (opbouw van emotionele verbondenheid met handelen en denken). Deze methode wordt verder toegespitst in andere hoofdstukken, op het gebied van klassenmanagement, lezen, rekenen en zaakvakken.
Het boek (120 pagina’s) leest plezierig en geeft praktische tips, die de lessen zeker aangenamer voor de meeste leerlingen kunnen maken. Op deze wijze krijgt de beelddenker een positieve bekrachtiging voor zijn snelle, creatieve en associatieve manier van denken. Dat is een positieve  benadering van bijvoorbeeld dyslecten, die ook behoren tot de beelddenkers. Doorgaans wordt dyslexie geassocieerd met “leerstoornis”.
Het is een prima inspiratieboek, aangezien er specifiek per vak interessante  lesideeën genoemd worden. Ik zou het toejuichen als dit boek verplicht wordt gesteld op PABO’s en lerarenopleidingen. Dat het boek nog spellingsfouten bevat mag je de schrijfster niet kwalijk nemen, maar de uitgever wel.

Erica Bergema, lerares Frans en opleider in de school Singelland Drachten

De dagen van de week voor jonge beelddenkers
Tineke Verdoes
SWP, 2015. ISBN 978 90 885 0588 1

Hoe leer je jonge kinderen de dagen van de week aan? En vooral kinderen die beelddenkend zijn of onze mentale volwassen logica niet altijd begrijpen. Tineke Verdoes, moeder van 3, leerkracht, remedial teacher, kindercoach en auteur van het boek: ‘Denken in beelden’ heeft hier iets op gevonden. Tineke heeft een methode ontwikkelt waardoor kinderen op een vlotte en leuke manier de dagen van de week kunnen leren. Toen ik het pakketje thuis uitpakte waren mijn kinderen van 8 jaar die de dagen van de week inmiddels wel kennen razend nieuwsgierig naar wat er op die leuke gekleurde kaartjes stond. Ze vonden meteen gretig aftrek. Ik heb ze dus maar opgehangen. Hoe het werkt?
Iedere dag van de week krijgt een eigen kaart. Met een eigen kleur, een eigen afbeelding en een eigen beweging. De maandag bijvoorbeeld heeft een warme gele kleur. Uiteraard hoort hier het plaatje van de maan bij die vriendelijk knipogend naar beneden kijkt.  Wat ik heb gemerkt met zowel de volwassenen als de kinderen waar ik de kaarten mee heb doorgenomen is dat in no-time de associatie blijft hangen. Woensdag is woefdag met een plaatje van een blij hondje, een rijmpje erbij en elke dag heeft een eigen gebaar. Maar wat zo goed is aan deze kaarten is dat er op diverse intelligentie niveaus van de kinderen een beroep wordt gedaan.  Verbaal-linguïstisch, logisch, visueel, muzikaal, naturalistisch (waarnemen) en interpersoonlijk. Dat maakt naar mijn mening deze methode, hoe een kind ook leert, uitermate geschikt om de dagen van de week te leren. 
Met deze methode is Tineke Verdoes erin geslaagd een leuke, speelse manier van leren te introduceren. De kaarten nodigen uit, maken enthousiast en geven een positief gevoel. En leren gaat tenslotte het allerbest als het leuk is.

Maaike Pieters, coach en trainer

Picture this! Associatiekaarten
Espérance Blaauw
Thema, 2015. ISBN 978 90 587 1978 2

Associatiekaarten: de naam zegt meer dan “coachkaarten” en ze doen die naam eer aan; daarover later. De set Associatiekaarten van 54 stuks met de ruime afmeting van 145 x 100 mm neem je nog gemakkelijk mee in je tas of koffer. Het is Espérance Blaauw met 6 andere fotografen gelukt in 54 beelden verschillende thema’s vast te leggen: sport, vrije tijd, techniek, natuur, spel, kunst, religie, muziek, leefomgeving, mens, architectuur ed. Allemaal zeer divers in kleur, verhouding en focus. Dat maakt het echt associatiekaarten en de beelden maken nieuwsgierig. Uitgelegd op een tafel vóórdat een training begint lokt het de deelnemers er al naar toe en er blijken spontane gesprekjes te ontstaan. Eenzelfde kaart roept bij verschillende mensen andere dingen op: het prikkeldraad bijvoorbeeld verbeeldt soms ‘scherpte’, dan weer ‘veiligheid’ en zelfs  een keer ‘vroeger’. De kaarten nodigen uit tot vertellen: vertellen over gevoel, vertellen over het te behalen doel van een trainingsdag, vertellen over een emotie of vertellen over ervaringen (dit aspect heb ik gebruikt in individuele coachsessies). Ook cognitieve technici vinden eenvoudig de voor hen juiste associatiekaart.
Er zit een praktische handleiding in de doos met suggesties hoe je de kaarten kunt inzetten. Bijvoorbeeld voor nieuwe ideeën, om ideeën te verwoorden en te delen of om ideeën te verbinden. Suggesties voor gebruik bij een groep of individueel en met veel of weinig tijd. De informatie is via een flow-diagram snel vindbaar gemaakt. De beeldtaal van de kaarten is internationaal, het flow-diagram is daarom in Nederlands en Engels opgesteld. Handig voor internationale teams als je als trainer de juiste woorden wilt vinden voor de oefening die je met de kaarten wilt doen.
Wat kan beter? De dikte van de kaarten! Mannen met eeltiger vingers hebben moeite de kaarten van een gladde tafel af te nemen. Dat lijkt triviaal maar de moeite die dat kan kosten verstoort de delicate verbinding die net door hen is gelegd tussen het beeld en hun gedachten of gevoel. Die verstoring kan het vertrouwen aantasten in de juiste keus op dát moment.
De set wordt uitgegeven door Thema, op hun site vind je de juiste kaarten. Het webadres op het doosje (www.coachkaarten.nl), toont namelijk een andere set kaarten.

Jelle Westendorp; coach en trainer in technische, maritieme en onderwijs branche

Hufterproof, Voorkomen van vervelend gedrag en agressie (waaier)
Henk van den Muijsenberg
Thema, 2015.
ISBN 978 90 587 1884 6

Bij het woord ´hufter-proof´ krijg ik een associatie van een brievenbus die voor oudjaarsavond zo is versmald dat vuurwerk niet naar binnen kan. Toch is het niet de bedoeling van auteur Henk van den Muijsenberg dat mensen zichzelf zoveel mogelijk verbergen of zich gesloten gedragen. In zijn methode moedigt hij mensen juist aan in actie te komen door eerder op het gedrag van een ander te reageren dan ze normaal gesproken doen. Wellicht met oog op de aandacht voor agressief en vervelend gedrag op de werkplek de laatste tijd, o.a. bij de Nederlandse Spoorwegen, is deze waaier als vernieuwde versie van de waaier “Omgaan met agressie en vervelend gedrag” uit 2008 opnieuw op de markt gebracht. De waaier geeft na een introductie op wat agressie is, algemene tips en daarna een overzicht van specifieke reacties bij agressie. Na een korte bespreking van vervelend groepsgedrag, volgt nog informatie over een overvalsituatie en tips om een overval te voorkomen. Doel is om de lezer verstandig, vaardig en zelf-verzekerd te laten reageren op vervelend en agressief gedrag in de werkomgeving. Of dat bereikt gaat worden door het bestuderen van deze waaier is zeer de vraag. Dit doel vraagt zowel een verandering van houding, gedrag en overtuigingen, wat wel meer voeten in de aarde heeft dan alleen informatie over agressie tot je nemen en tips doorlezen. Wel zal deze waaier gekoppeld aan een training een goede manier kunnen zijn om herinnerd te worden aan welk gedrag effectief kan zijn. Vooral de gedragsvoorbeelden en concrete voorbeeldzinnen vind ik verhelderend. Zo nodigt Van den Muijsenberg lezers uit het effect van het gedrag van de ander te benoemen, bij voorbeeld door te zeggen 'ik word zenuwachtig van u. Ik kan zo niet nadenken en wil u graag helpen.' Hierbij is de intentie het gedrag van de ander in een fase van irritatie/frustratie te stoppen, voor het komt tot agressie. Drie boodschappen die mij verder erg aanspreken zijn ten eerste dat je zelf invloed hebt op een vervelende/bedreigende situatie, ten tweede de waarschuwing om agressief gedrag niet persoonlijk op te vatten en tot slot dat het omgaan met agressie een vaardigheid is die wel degelijk te leren valt.

Marijke Christiansson, trainer/coach OR en verbindende communicatie

Vind je aan/uit knop!
Hoe switch je van ineffectief naar effectief gedrag
Klijsen, K. Van Dijk, N. Nielen en P Klaassen.
AnderZ, 2015. ISBN 978 94 629 6005 3

Op de achterkant van het boek wordt mij beloofd dat ik ga leren, hoe ik in lastige situaties naar effectief gedrag switch. Klinkt goed! Het Aan/Uit-model is gebaseerd op een het idee van een schakelaar, waarbij je in de Aan-stand lekker bezig bent, de auteurs omschrijven het als ‘flow’.  Je reageert vanuit jezelf, je eigen waarden, kennis e.d. Met als tegenhanger de Uit-stand, waar je reageert vanuit wat je denkt dat anderen van je verwachten. Scherp en lekker bezig versus overlevingsstand dus.
Mijn eerste indruk: overzichtelijke hoofdstukken met een niet te kleine letter en niet te lange zinnen, leest vlot. Bij het lezen verandert mijn beeld wat. Het boek is opgedeeld in 5 hoofdstukken, waarvan de logica van de volgorde mij ontgaat. Zo gaat hoofdstuk 1 over in hoeverre je Aan of Uit staat – terwijl in hoofdstuk 2 dan de uitleg volgt van hoe dat er precies uitziet, Aan en Uit. De twee hoofdstukken vol voorbeelden van Uit-gedrag duren lang, ik heb het concept nu begrepen. Maar even volhouden, want hoofdstuk 3 is echt de moeite waard! Een helder beschreven beeld van wat er gebeurt, psychologisch gezien, wanneer je opeens Uit gaat. Op korte en overzichtelijke wijze wordt hier een degelijke basis gelegd voor begrijpen en dus kunnen oplossen. Eindelijk aangekomen bij het hoofdstuk met de oplossingen, kom je helaas in eerste instantie bedrogen uit. Algemeenheden volgen elkaar op: heb meer zelfvertrouwen; durf meer risico’s te nemen; neem zelf de verantwoordelijkheid en meer zaken waarvan iedereen ze heus wel weet en zou doen, als men wist hoe. Als na-gedachte komt dan het verlossend woord: een beknopt en prettig praktijkgericht overzichtje – wat te doen als de psychologische processen uit hoofdstuk 3 een loopje met je nemen, het je niet lukt om de adviezen te volgen en je toch Uit gaat.
Het boek rond af met een hoofdstuk over Aan en Uit in organisaties en teams.  Herkenbaar, meer niet. Al met al is de boodschap van het boek zeker nuttig. Een scherpere structuur, meer focus op het onderwerp en de oplossingen en het daarbij laten: dan was die boodschap aanmerkelijk beter naar voren gekomen en was het een goed boek geweest.

Stinne Rasmussen, badminton talenttrainer & mental coach

Moet kunnen
Op zoek naar een Nederlandse identiteit
Herman Pleij
Prometheus Bert Bakker Amsterdam, 2014
ISBN 978 90 351 4238 1

‘Niets’ deugt, ‘alles’ in Nederland loopt fout en ‘eigenlijk’ is het hier één grote bende, maar ikzelf ben toevallig heel tevreden. Ziedaar een poging om ‘de’ Nederlandse identiteit in één zin samen te vatten. In ‘Moet Kunnen’ gaat Herman Pleij uitgebreid in op de cultuurhistorische achtergronden van onze nationale identiteitsvorming. In 227 bladzijden (38 paragrafen, verdeeld over 8 hoofdstukken) biedt hij een verkenning langs de lange lijnen van de geschiedenis waaruit onze identiteit is opgebouwd.
De Nederlandse samenleving heeft, zoals elke gemeenschap, een behoefte aan saamhorigheid en onderscheiding. ‘De’ Nederlandse identiteit mag dan niet bestaan, maar er bestaan binnen de gemeenschap wel collectieve mentaliteiten met lange tradities. Onze nederzettingsgeschiedenis biedt daartoe het materiaal. Een behoorlijk deel van Nederland bestaat uit land dat op de zee is veroverd. Deze drooglegging werd ondernomen door vrije boeren, tezamen met kooplieden, landadel en monniken. Dit startpunt van de nederzettingsgeschiedenis is van grote invloed op de collectieve mentaliteiten in Nederland.
Wij zijn afkerig van sterk gezag. Wij hebben immers nooit feodaliteit gekend. Verder hebben wij een sterke hang naar gelijkwaardigheid en pragmatische saamhorigheid.
Er zijn meer hoofdlijnen te onderscheiden, zoals die van de koopmansmoraal, zich uitend in winstzucht, hard werken, zuinigheid, soberheid, zelfredzaamheid en onafhankelijkheid. En de dominee, het zelfbenoemde geweten van de wereld, met daarbij de onhebbelijkheid om anderen de maat te nemen. En daar komt het gedogen bij, dat is nu eenmaal goed voor de handel.Al is het niet al goud wat er blinkt. Zo stond onze weinig hiërarchische samenleving de  ontwikkeling van een hofcultuur en verfijnde omgangsvormen in de weg. In buurlanden stonden we daarom ook wel te boek als bot en vrijwel achterlijk.
NL behoort al meer dan vijf eeuwen tot de gelukkigste samenlevingen ter wereld. Het Nederlandse poldermodel is een onderhandelingsgemeenschap van gelijken, met veel deelname, veel lawaai en veel compromis, maar ook een laboratorium voor ethische experimenten; homohuwelijk, euthanasie, abortus. En verder blijkt de Nederlandse samenleving uitstekend te zijn ingericht voor ruziemaken als reinigingsritueel.
Kennelijk bieden deze collectieve mentaliteiten van gedogen, decentraliseren, polderen de potentie om hier geheel aan je trekken te komen.
'
Moet Kunnen' houdt ons een spiegel voor. Pleij bespreekt o.a. onze neiging tot ridiculiseren van autoriteiten. In dit boek relativeert Pleij onze hysterische zucht naar ophemelen van het eigen nest. De lange lijnen in de geschiedenis worden met eruditie en veel humor inzichtelijk gemaakt en doorgetrokken naar het huidige tijdvak. 'Moet Kunnen' stemt tot nadenken.

Christiaan van de Sanden, trainer/coach/facilitator



Geef hieronder uw reactie op dit nieuwsitem

Leave this one empty:
Naam:
Don't fill in data here:
Reactie:
Don't put anythin in here:
Nog geen reacties geplaatst