Waarom je zó snel afgeleid raakt op je werk
ma 26 jan 2026
Je zit midden in een taak, je hoofd voelt zwaar, de aandacht begint af te dwalen, maar je denkt: nog even door. Want zo werkt het toch? Pas pauzeren als je écht niet meer kunt... Nee toch niet, als je brein zulke signalen geeft is het slimmer om even iets anders te doen.
Afnemende focus is een signaal
Afnemende focus voelt vaak als mentale uitputting, maar volgens arbeids- en organisatiepsycholoog Erik Bijleveld (Radboud Universiteit) is het eerder een signaal van het brein om tijdelijk iets anders te doen. In zijn onderzoek naar mentale vermoeidheid ziet hij dat prestaties niet abrupt instorten, maar geleidelijk. Omdat we dit signaal vaak negeren, nemen we pauzes te laat en worden we minder effectief. Echter blijkt ook uit experimenten dat mensen aan het einde van een lange taak ineens beter presteren wanneer ze te horen krijgen dat er een aantrekkelijke beloning lonkt. ‘Dat past niet bij het idee van een batterij die leeg is. Je kunt een batterij niet motiveren. Maar mensen dus wel.’
Motivationele oorzaken van focusverlies
Ook hersenonderzoek laat een genuanceerder beeld zien. ‘Er zijn aanwijzingen dat bij langdurige mentale inspanning bepaalde stoffen, zoals glutamaat, zich ophopen in delen van de hersenen die belangrijk zijn voor controle en focus. Maar dat is iets dat over een hele dag gebeurt. De snelle focusmoeheid die mensen tijdens het werk ervaren, is eerder motivationeel van aard.’ En toch drukken we dat signaal vaak weg. ‘Onder hoge werkdruk is het heel makkelijk om te denken: ik doe nog even één taak,’ zegt Bijleveld. ‘Maar dat is precies wanneer je het signaal negeert. Mensen kunnen dat lang volhouden, maar de prestatie wordt er niet beter van.’
Impact van technologie en afleidende prikkels
Daar komt bij dat moderne kenniswerkers voortdurend worden geconfronteerd met alternatieve prikkels – notificaties, inbox, social media. ‘Je brein maakt continu een kostenbatenafweging: is er nu iets leukers of belangrijkers om te doen dan deze taak? Hoe aantrekkelijker dat alternatief voelt, hoe sneller je je vermoeid voelt. Dat is dus geen zwakte, maar een economische berekening van je brein.’ En technologie maakt het paradoxaal zwaarder, voegt hij toe. ‘AI-tools kunnen werk versnellen, maar daardoor leggen we de lat ook steeds hoger, voor onszelf en voor onze collega’s. Je moet méér doen en het werk dat overblijft is vaak juist moeilijker – controleren, beoordelen, herschrijven. Dat is cognitief zwaar. Dus ja, mensen worden sneller moe.’
Slim pauzeren: korte breaks en kleine doelen
Wachten tot je voelt dat je pauze nodig hebt komt te laat, waarschuwt Bijleveld. Effectiever is om pauzes van tevoren in te plannen, bijvoorbeeld blokken van 25–45 minuten volgens de Pomodoro-methode. Zo verdeel je werk in behapbare doelen, die sneller afgerond voelen en motivatie geven, wat vermoeidheid tegengaat. Micro-pauzes van 1–5 minuten zijn al effectief, mits je echt iets anders doet dan werk, zoals strekken, een korte wandeling, snacken of even praten met een collega, en niet op je smartphone kijkt, want dat kan juist vermoeidheid verhogen.
Wekenlang vermoeid? Tijd voor ingrijpen
Een paar dagen hard werken is niet erg, aldus Bijleveld. ‘Maar wie weken achter elkaar moe wakker wordt, dingen vergeet of merkt dat ie steeds minder kan instappen in taken, die moet echt ingrijpen. Soms is zelfs professionele hulp nodig. Vermoeidheid komt nooit uit één bron. Het kan werk zijn, maar ook slecht slapen, een lichamelijke ontsteking, of zelfs een ernstige lichamelijke aandoening. Dát wil je weten.’ Hij ziet geen magisch omslagmoment waarbij de focus plots wegvalt. Maar dat maakt de remedie juist eenvoudiger: ‘Wacht niet op het signaal. Plan je pauzes. Altijd. Zo werk je sneller, scherper en met minder uitputting aan het einde van de dag.’ (bron: Intermediair)